Neem contact met ons op via 085 - 3031157

Examentraining Nederlands

Examentraining
Nederlands

Tijdens onze examentraining Nederlands zorgen we ervoor dat jij de examenstof écht begrijpt, oefen je samen met examens en ontdek je slimme manieren om vragen sneller en zelfverzekerder te beantwoorden. We nemen de examenstof stap voor stap met je door, in kleine groepen en met persoonlijke begeleiding. Zo weet je zeker dat je alles uit je voorbereiding haalt en vol vertrouwen het eindexamen ingaat!

Begeleiding van aanmelding tot het examen
Examentraining in kleine groepen
Ondersteuning met extra materiaal en hulp

Tijdens onze examentraining Nederlands zorgen we ervoor dat jij de examenstof écht begrijpt, oefen je samen met examens en ontdek je slimme manieren om vragen sneller en zelfverzekerder te beantwoorden. We nemen de examenstof stap voor stap met je door, in kleine groepen en met persoonlijke begeleiding. Zo weet je zeker dat je alles uit je voorbereiding haalt en vol vertrouwen het eindexamen ingaat!

Begeleiding van aanmelding tot het examen
Examentraining in kleine groepen
Ondersteuning met extra materiaal en hulp

Niet zeker of je het examen Nederlands gaat halen?

Je bent het overzicht een beetje kwijt
Je weet niet zeker of je het allemaal snapt
Je vindt de examenstof Nederlands moeilijk
Je hebt een deel van de examenuitleg gemist

Die examenstress is nergens voor nodig.

Wij hebben inmiddels al meer dan 30.000 leerlingen geholpen bij de voorbereiding op hun eindexamen.

8,4
11052 beoordelingen
94%
Beveelt ons aan

Volg een examentraining

Met een examentraining Nederlands van Eindsprint zet jij de laatste, spannende stap richting je diploma. In kleine groepen, met persoonlijke aandacht en effectieve leermethodes, helpen we je om de examenstof echt te begrijpen. Zo ga je niet alleen beter voorbereid, maar ook met meer zelfvertrouwen het examen in.

Begeleiding van aanmelding tot diploma
Examentraining in kleine groepen
Ondersteuning met extra materiaal en hulp

Dagindeling

Dagindeling

Dag 1

Eerste dag

Eerste dag

90 min
Trainingsblok10:00 - 11:30
1
Pauze 15 minuten
90 min
Trainingsblok11:45 - 13:15
2
Pauze 30 minuten
90 min
Trainingsblok13:45 - 15:15
3
Pauze 15 minuten
90 min
Trainingsblok15:30 - 17:00
4

Dagindeling

Dag 2

Tweede dag

Tweede dag

5
Trainingsblok10:00 - 11:30
90 min
90 min
Trainingsblok10:00 - 11:30
5
Pauze 15 minuten
6
Trainingsblok11:45 - 13:15
90 min
90 min
Trainingsblok11:45 - 13:15
6
Pauze 30 minuten
7
Trainingsblok13:45 - 15:15
90 min
90 min
Trainingsblok13:45 - 15:15
7
Pauze 15 minuten
8
Trainingsblok15:30 - 17:00
90 min
90 min
Trainingsblok15:30 - 17:00
8

Trainingsonderdelen

Ontdek hoe onze trainingen zijn opgebouwd. Een aanpak die al meer dan 10.000 leerlingen succesvol door het eindexamen heeft geholpen.

Introductie

Structuur aanbrengen en verwachtingen duidelijk maken.

Warming up

Voorkennis activeren met elkaar.

Uitleg en modelleren

Nieuwe kennis en oplossingsstrategieën aanleren.

Reflectie

Kort stilstaan bij het eigen leerproces.

Examenvragen & feedback

Gezamenlijk reflecteren en inzichten delen.

Bespreken & reflectie

Gezamenlijk reflecteren en inzichten delen.

Afsluiting

Belangrijkste leerpunten samenvatten en vooruitkijken.

Introductie

Structuur aanbrengen en verwachtingen duidelijk maken.

Warming up

Voorkennis activeren met elkaar.

Uitleg en modelleren

Nieuwe kennis en oplossingsstrategieën aanleren.

Reflectie

Kort stilstaan bij het eigen leerproces.

Examenvragen & feedback

Gezamenlijk reflecteren en inzichten delen.

Bespreken & reflectie

Gezamenlijk reflecteren en inzichten delen.

Afsluiting

Belangrijkste leerpunten samenvatten en vooruitkijken.

Onderwerpen Nederlands

Tekstsoort en schrijfdoel

Teksten worden niet geschreven zonder reden. De schrijver heeft altijd een doel wat hij wil bereiken bij de lezers van zijn of haar stuk. De redenen die een schrijver hiervoor kan hebben verschillen vaak. Soms wil een schrijver dat bepaalde informatie bekend wordt, of dat de lezers na het lezen van de tekst dezelfde mening hebben over het onderwerp als hij of zij. Soms wil een schrijver zijn lezers amuseren met een leuke tekst, of wil hij ervoor zorgen dat lezers van zijn tekst bepaald gedrag zullen veranderen. Zo zal de overheid bijvoorbeeld vaker een tekst schrijven om ongewenst gedrag van burgers te veranderen, zoals minder plastic op straat gooien. Het kan ook zijn dat de overheid jongeren wil waarschuwen voor de gevaren van vuurwerk, maar dat de tekst er niet op is gericht dat jongeren helemaal nooit meer vuurwerk zullen afsteken. In dit geval is de tekst informerend, maar niet activerend. Op je eindexamen is het de bedoeling dat je dit onderscheid kunt maken en kunt benoemen met welk doel de schrijver de tekst heeft geschreven en hoe deze doelen zich vormen tot een bepaalde tekstsoort. Tijdens de examentraining Nederlands kunnen er aanwijzingen gegeven worden, waarom een schrijver een bepaald doel heeft en waaruit je dat kunt afleiden.

Hoofdgedachte en onderwerp

Bij het schrijven van teksten moet een schrijver er rekening mee houden dat de rode draad in zijn verhaal begrijpelijk is en dat hij niet allerlei onbelangrijke zaken bij zijn tekst betrekt. Schrijvers willen dat lezers de tekst helemaal uitlezen en in staat zijn om deze te begrijpen. Zoals grapjes niet echt grappig zijn als je de ‘clou’ niet begrijpt, zijn teksten niet vermakelijk als je de hoofdgedachte niet kunt vinden. De hoofdgedachte is een zin die de bedoeling van de schrijver over het onderwerp zo precies mogelijk weergeeft. Zo kan de tekst van de overheid over het onderwerp ‘de gevaren van vuurwerk’ een hoofdgedachte hebben als: ‘Doe voorzichtig met vuurwerk’. De hoofdgedachte is een mengsel van het tekstdoel en het onderwerp. Tijdens de examentraining Nederlands wordt dit geoefend doordat je zelf een hoofdgedachte moet formuleren. De trainer kan jou dan vertellen waar jij de mist in bent gegaan en welk stukje van de tekst je niet helemaal hebt begrepen of waarvan je eerder niet zag dat juist dát stukje zo belangrijk is.

Signaalwoorden en -zinnen

Niet iedere tekst is even gemakkelijk geschreven, maar dat maakt ze niet altijd onbegrijpelijk. Als jij weet hoe de structuur van de tekst in elkaar zit, kun je vaak alsnog de strekking van de schrijver eruit vissen. Hoe beter jij de tekst begrijpt, hoe sneller de schrijver zijn doel voor de tekst behaald. De structuur van de tekst is voor schrijvers en lezers even belangrijk. De schrijver zet daarom de belangrijkste zinnen altijd op een vaste plek en probeert de structuur van de tekst aan te geven aan de hand van signaalwoorden. Je kunt de structuur van de tekst zien als een ladder waarbij ieder signaalwoord een trede op de ladder is. Ontbreekt er een signaalwoord dan is het moeilijker om bovenop de ladder (oftewel de structuur) te klimmen. Tijdens de examentraining Nederlands lezen we de teksten samen en leren we je om de alarmbellen te laten rinkelen tijdens het lezen van de tekst. Zo kun je de juiste woorden al onderstrepen en tijd besparen op je eindexamen.

Citeren en eigen woorden

Op het eindexamen zal je moeten citeren en de bedoeling van de schrijver moeten kunnen formuleren in je eigen woorden. Tijdens de examentraining Nederlands wordt jou geleerd hoe je volgens de regels officieel moet citeren. Het belangrijkste is dat je gemakkelijk terug kan vinden welk stukje in de tekst zoveel mogelijk overeenkomt met het gevraagde antwoord. De vragen worden telkens net iets anders gesteld om je op het verkeerde been te zetten, maar met een beetje begrip van de structuur, vind je precies het juiste antwoord in de tekst. Bij een antwoord in je eigen woorden leren wij je aan hoe je een lopende zin maakt, die zo dicht mogelijk bij de woorden van de schrijver ligt. Het antwoord kun je nooit helemaal overnemen, omdat de zin dan niet grammaticaal correct is. Tijdens de examentraining Nederlands wordt met jou geoefend hoe je ervoor zorgt dat je het juiste stukje tekst weet te vinden en deze volgens de regels citeert of in je eigen woorden omschrijft.

Functies van tekstgedeelten

Iedere tekst is opgebouwd uit een inleiding, middenstuk en slot. Een goede inleiding kan er bijvoorbeeld voor zorgen dat de aandacht van de lezer getrokken wordt. Dat zorgt ervoor dat iemand de tekst verder zal gaan lezen en al een beetje weet waar de tekst over zal gaan. Niet alleen de inleiding, maar ook het middenstuk en het slot kunnen allerlei functies hebben met betrekking tot de rest van de tekst. In het oefenboek staan al deze functies opgesomd en uitgelegd met de precieze betekenis en het tekstgedeelte waar je deze kunt terugvinden. Zo heeft een slot altijd een andere functie dan het middenstuk, omdat in het slot vaak zaken worden herhaald of samengevat. Tijdens de examentraining wordt deze theorie herhaald en tot in de puntjes uitgelegd en geoefend. Weet jij bijvoorbeeld wat het verschil is tussen een tegenwerping en een tegenstelling? Natuurlijk kun je woorden als ‘nuancering’ en ‘weerlegging’ tijdens je eindexamen in het woordenboek opzoeken, maar dit kost veel tijd en geeft je vaak net niet voldoende informatie om het onderscheid tussen twee woorden te laten aanvoelen.

Leesvaardigheid

Het eindexamen gaat op tijd en die tijd gaat heel snel voorbij. Je moet lange teksten lezen en veel vragen beantwoorden in slechts enkele uren. Dat is pittig om vol te houden. Tijdens de examentraining Nederlands oefenen we daarom om zo snel mogelijk, zo goed mogelijk en met zo weinig mogelijk inspanning de tekst te kunnen begrijpen. Dit doe je door markeringen en afkortingen voor jezelf in de kantlijn te zetten. Door bepaalde tekstdelen te markeren, kun je bepaalde stukken tekst niet alleen sneller terugvinden, je onthoudt en begrijpt de tekst ook beter. Welke delen van de tekst moet je nu markeren? Ook dit wordt in de examentraining geoefend, door samen de tekst te lezen en samen te markeren. Zie jij bijvoorbeeld al dat de ene alinea een argument is voor de vorige alinea? Of zie je al een mogelijke hoofdgedachte? Dan zou dit een goed moment zijn om bepaalde afkortingen weer te geven in de kantlijn of bepaalde delen te markeren. De kans is heel groot dat je hier een vraag over krijgt. De trainer kan je adviseren hoe je snel duidelijke afkortingen voor jezelf gebruikt en hoe je zo snel mogelijk de tekst in zijn geheel begrijpt.

Zoek een training bij jou in de buurt

Selecteer een niveaudropdown
Nederlandsdropdown
Selecteer een locatiedropdown
buttonVind jouw training
Selecteer een niveaudropdown
Nederlandsdropdown
Selecteer een locatiedropdown
buttonVind jouw training

Trainingen Nederlands

Veelgestelde vragen over onze examentraining

Eindsprint team

Heb je een vraag?

Daar zijn we voor! WhatsApp of bel ons op werkdagen tussen 9.00 en 17.00 via 085 - 3031157.

Hoe ziet de examentraining Nederlands eruit?

Tijdens de examentraining Nederlands werk je in twee dagen doelgericht aan de onderdelen die jij lastig vindt. Je zit tijdens de examentraining in een klein groepje met een jonge, ervaren trainer die precies weet hoe het examen in elkaar zit. Elke dag bestaat uit vier blokken, waarin we steeds:

- duidelijke uitleg geven met herkenbare voorbeelden en vaste aanpakken
- veel oefenen met echte examenvragen
- samen terugkijken: waar maak je nog fouten en hoe los je het wél goed op?


Tussendoor nemen we genoeg korte pauzes, zodat je even op adem kunt komen en je hoofd niet overloopt. We behandelen alle stof, met extra aandacht voor de moeilijkste onderdelen. Zo ga je met meer overzicht, rust en vertrouwen je examen Nederlands in.

Wat leer je tijdens de examentraining Nederlands?

Tijdens de examentraining Nederlands werk je vooral aan het begrijpen en analyseren van teksten. Je leert hoe je examenvragen slim aanpakt, waar je op moet letten bij verschillende tekstsoorten en hoe je je antwoorden goed onderbouwt. We besteden extra aandacht aan de onderdelen die jij (en de rest van de groep) het lastigst vindt, zodat je met meer zekerheid het examen ingaat.

In grote lijnen werk je aan:
- Hoofdgedachte en standpunt: de kern van een tekst herkennen en begrijpen wat de schrijver wil overbrengen.
- Argumentatie en drogredenen: drogredenen herkennen en benoemen, en beoordelen hoe sterk een argumentatie is.
- Stijl en toon: herkennen van stijlmiddelen en woordgebruik, zoals satire, cynisme en ironie.
- Tekststructuur en functies: de functie van zinnen, tekstgedeeltes en alinea’s herkennen (zoals nuancering, tegenwerping en waarneming).
- Citeren en brongebruik: weten wanneer je wel of niet citeert en hoe je bronnen correct gebruikt.
- Betrouwbaarheid van teksten: onderbouwen waarom een tekst betrouwbaar of juist onbetrouwbaar is.
- Werkwoordspelling en taalfouten: inzicht krijgen in veelgemaakte fouten en hoe je deze herkent in examenvragen.

Zo krijg je meer grip op teksten, herken je valkuilen in examenvragen en weet je hoe je sterke, goed onderbouwde antwoorden formuleert. De inhoud is gebaseerd op het havo-examenprogramma: bij vwo gaan we vaak dieper in op teksten en argumentatie, terwijl we bij vmbo werken met een selectie van de stof en extra focus leggen op duidelijkheid en toepassing.

Wie geeft de examentraining Nederlands?

Tijdens de examentraining Nederlands krijg je les van een jonge, ervaren trainer. Dat is geen docent, maar een hbo- of wo-student die zelf nog niet zo lang geleden met hetzelfde bijltje heeft gehakt. Juist daarom snapt je trainer precies waar jij tegenaan loopt. Ze volgen een relevante studie, bijvoorbeeld rechten of de lerarenopleiding Nederlands, en hebben al veel ervaring met het geven van bijles en examentrainingen. Zo weet je precies wat je op het examen Nederlands kunt verwachten en stap je met veel meer vertrouwen het examen in.

Eindsprint team

Heb je een vraag?

Daar zijn we voor! WhatsApp of bel ons op werkdagen tussen 9.00 en 17.00 via 085 - 3031157.